Uitgelicht bericht

nieuwe cursus in Parkvilla, Alphen a.d. Rijn

 

Creatief schrijven in Parkvilla, Alphen a.d. Rijn

Deze cursus van 5 dinsdagavonden onder leiding van Gerard van Emmerik zit vol  korte schrijfopdrachten om te ontdekken hoe ver je literaire mogelijkheden reiken. Bij die opdrachten draait het o.a. om stijl, spanning, suggestie, structuur en geloofwaardigheid. Je leert in verschillende toonsoorten te schrijven over allerlei onderwerpen.

Na elke bijeenkomst krijg je een opdracht mee voor een langere tekst. Die tekst wordt door de andere deelnemers en de docent gelezen en van commentaar voorzien.
Misschien werk je al aan een project, bijvoorbeeld aan een kort verhaal, columns, een roman, blogs of aan een autobiografische tekst. Ook dan is het goed mogelijk om deze cursus te volgen. De opdrachten die je meekrijgt staan dan in het teken van je project.

De nieuwe cursus start op 12 januari 2021  

Voor verdere informatie (met o.a. de coronamaatregelingen):  parkvilla.nl
of: gerard31155@gmail.com

 

Een nieuwe roman

Het eerste hoofdstuk van een roman, die eind 2021 zal verschijnen.

1

Vandaag kwam er weer een kaart. Van een collega ditmaal, Anna, de dichteres uit Hongarije. Of Tsjechië, hij is vergeten waar dat zangerige accent vandaan komt. In de pauze gaat ze altijd naast hem zitten en houdt lange, lyrische verhalen over haar cursisten, ach, zo talentvol, maar wat moeten ze nog veel leren… Hij luistert, zij praat, zo ging het al toen hij een kippenjongen was, anderen waren aan het woord, hij zweeg vooral.  Ze stuurt hem een plein met een basiliek, toeristen op ezeltjes onder een te blauwe hemel. Haar handschrift is kordaat, met weinig ruimte tussen de woorden. Hoe gaat het nu met je, Luc? Ik moet er steeds aan denken. Toen ik het hoorde heb ik je meteen gebeld, maar ik kreeg de voicemail, je zit natuurlijk met je vriend in dat boshuisje. Zelf gaan we nu op weg naar een berghut. Geen bereik daar dus je moet het doen met dit plaatje. En natuurlijk met mijn wens dat alles goed komt.
Hoe het met hem gaat?  Hij weet het niet, hij weet alleen dat er vroeger nooit zulke kaartjes kwamen en dat hij vroeger nooit doodging. En dat vroeger stopte op 30 juni.
Tot die dag had hij een lichaam dat probleemloos fietste, rende en zwom. Alleen was er sinds een paar maanden een bloedwaarde die niet helemaal klopte, of eigenlijk helemaal niet, dus volgde er een routine-echo en een routine-MRI, en zat hij op die warme middag in een prettig koele wachtkamer voor de uitslag die gunstig zou zijn, want volgens Google hoefde je aan zo’n bloedwaarde geen waarde te hechten.
Raymond wachtte buiten, in de auto.
‘Doe maar niet,’ had hij gezegd toen Raymond bleef aandringen om mee naar binnen te mogen, en hij had er zijn moeder en de controles bij de tandarts bijgehaald. Hoe ze hem op zijn zestiende nog vergezelde tot in de behandelkamer, en dat hij zich weer die jongen zou voelen. Dat hij nu echt groot genoeg was.
De kuipstoelen naast en tegenover hem waren onbezet. Eerst leek dat een voordeel, geen andere patiënten om glimlachjes of kwalen of stiltes mee te moeten delen, waarschijnlijk was hij die middag de laatste.
Begon hij op dat moment iets te vermoeden? Die lege kunststof stoeltjes herinnerden hem aan een tv-interview met een neuroloog. Bij slecht nieuws zorg ik ervoor dat er geen volgende patiënt zit te wachten.
Hij nam koffie uit het apparaat en bladerde door een tijdschrift. Uit een box in de hoek klonk zachte popmuziek, Bette Davis Eyes, daarna volgden filemeldingen en het weer, nog warmer werd het, plaatselijk tropisch. Hij liep met zijn bekertje naar de koffiemachine voor een volgende cappuccino, toen de deur van de spreekkamer openging en dokter Hoff, die er op de ziekenhuis-site een stuk jeugdiger uitzag, hem een hand gaf en zich voorstelde. En niet glimlachte.
‘Neemt u gerust koffie,’ zei hij.
‘Nou, eigenlijk heb ik er al te veel gehad vandaag.’
‘Komt u mee dan?’
De airco in Hoffs kamer zoemde. Op zijn bureaublad  lagen een fietszadel en een map.
‘Gaat u zitten,’ zei de dokter, die nog steeds niet glimlachte. In de map zat een verslag, hij las het voor, en daarna vertelde hij dat de rode kruisjes in de kantlijn hoorden bij het oordeel van twee andere artsen, van wie er een professor was. Zij waren het eens met zijn diagnose.
‘Da’s schrikken, hè?’
Luc zweeg. Zijn lichaam leek weg te zweven.
Intussen klikte Hoff een wandscherm aan.
‘Kijk,’ zei hij. ‘Die oplichtende vlekjes.’
Ze zaten overal. Een sterrenhemel.
‘En nu?’ vroeg hij.
De dokter kwam met getallen. Bij 5-5 was het te laat, met 4-5 bestond er een kans dat bestraling nog iets kon doen, maar… Toen hij klaar was met zijn uitleg, die onbegrijpelijk was, tenminste, op dat moment, Luc luisterde amper, vroeg Hoff  wat er door hem heen ging.
‘Geen idee,’  zei hij naar waarheid, zijn hoofd was een vacuüm, alleen die getallen, 5-5, 4-5 bleven terugkomen.
Hoff  draaide zijn stoel een kwartslag; hij opende een la van zijn bureau en hield hem met een vermoeide glimlach een doos met bonbons voor.
Hij koos een donkere, met gesuikerde walnoot, zelf stopte de dokter iets caramelachtigs in zijn mond.
Een minuut of wat vulden hun zachte zuig- en kauwgeluiden de ruimte.
‘Lekker?’
Hij knikte en opeens kwam er een vraag. Eentje uit sentimentele series. Hij wilde weten hoe lang hij nog had.
Even knipperde Hoff met zijn ogen. ‘Dat valt moeilijk te voorspellen. Gezien die vlekjes denk ik niet heel lang, maar een jaar toch nog wel. We moeten eerst via een biopsie nagaan of het misschien 4-5 is.’
Een jaar toch nog wel. Luc keek weer naar de afbeeldingen. En het verslag met de kruisjes. En naar het fietszadel.
‘Wat een gek zadel,’ zei hij.
‘Dat raad ik patiënten aan die veel fietsen. Bent u een fietser?’
‘Ja, enorm.’
‘Het is minder belastend. Door die gleuf.’
En daarna vroeg Hoff waar hij zoal fietste en bleek ook hijzelf erg van het rivierenlandschap te houden. Best mogelijk dat ze elkaar daar weleens waren tegengekomen.

Schrijfatelier in Harderwijk

Het Schrijfatelier, creatief schrijven voor de gevorderde cursist

In het oude Stadhuis van Harderwijk verzorgt schrijver Gerard van Emmerik vanaf september weer een Schrijfatelier.

Deze tweewekelijkse cursus beslaat 12 donderdagavonden.
Iedere deelnemer werkt aan een project van langere adem, bijvoorbeeld een roman, een novelle, een verhalenbundel of een reeks autobiografische herinneringen.
Elke bijeenkomst begint met een theoretisch deel, zoals: de ontwikkeling van een idee, het opzetten van een verhaaldecor, de opbouw en spanningsboog van een tekst, het uitbeelden van personages en het schrijven van suggestieve dialogen. En natuurlijk lees en bespreek je elkaars werk.
Na elke bijeenkomst krijg je een individuele huiswerkopdracht mee, die in het teken staat van je project.

Word je nerveus van het idee te moeten werken aan een lang project? Geen paniek, je kunt je ook richten op kortere teksten.

De cursus start op 19 september.

(inmiddels vol; in de lente van 2021 een vervolg)

Meer informatie over het vervolg?
0341 721 021 of info@cultuurkust.nl

begeleiding bij je roman of verhaal

Werk je aan een roman of een verhaal en zoek je iemand die jou daarbij kan helpen?
De afgelopen jaren begeleidde ik tientallen schrijvers van korte verhalen, non-fictie en romans.

Ik lees je tekst of onderdelen ervan en kom met vragen en opmerkingen, die je kunnen helpen bij het publicabel maken van je manuscript.

Voor verdere informatie kun je contact met me opnemen via gerardvanemmerik@zonnet.nl

 

Interview 12 november Epe

Schrijvers Aan Het Woord: Gerard van Emmerik

Gerard van Emmerik (1955) bracht zijn jeugd door op een afgelegen kippenboerderij in het buitengebied van Vaassen. Na voltooiing van de middelbare school vertrok hij naar Amsterdam. Hij studeerde er Nederlands en had baantjes als nachttelefonist bij de Telefonische Hulpdienst en als NIPO-enquêteur.
In 1993 debuteerde hij met de verhalenbundel ‘Iets scherps, een priem’. Sindsdien volgden er acht verhalenbundels en romans. Een van Gerards meest recente boeken is de (deels autobiografische) familieroman De Kippenjongen. Die speelt zich af op de Veluwe. Kippenboer Lucas, een kinderlijke geest in een sterk lichaam, leeft samen met de veel jongere Noortje in een isolement op hun boerderij. Hij heeft zijn kippen, zij haar dromen. En ze hebben elkaar. Als er na twintig jaar onverwacht een baby komt, is het gedaan met hun liefde. Er is iets mis met het kind. En meer nog: met de ouders…

 

 

Gerard laat zich deze middag door Margriet Obers en Hans Beoletto aan de tand voelen over zijn boeken, herinneringen, inspiratie én over zijn wekelijkse fietstochten van Amsterdam naar Emst – waar hij een schrijfhuisje heeft in het bos.
Kortom stof genoeg om over te praten!

Datum: 12-11-2017
Aanvang: 15.00 uur

interview

 

gerard van emmerik

Gerard van Emmerik is een Nederlandse schrijver van verhalen-bundels en romans. Na publicaties in Hollands Maandblad en De Gids debuteerde hij in 1993 met Iets Scherps, Een Priem. Naast schrijver is Gerard van Emmerik ook docent creatief schrijven, onder meer op de Schrijversvakschool in Amsterdam en bij Script+. Hij maakt deel uit van de redactieraad van Hollands Maandblad.

BibliografieIets Scherps, Een Priem (1993), verhalen, De Stem Van De Meester (1996), verhalen, Mischa’s Koorts (1998), roman, De Stemmen (2001), roman in verhalen, Amsterdamse Impressies (2001), novelle, De verzachters (2005), roman, Ik ben je vriend (2008), roman in verhalen, De kippenjongen (2011), roman, De nieuwe Kratz (2015) roman.

Hoe lang schrijf je al?
Ruim 25 jaar. Pas na mijn studie Nederlands begon ik korte verhalen te schrijven. Het begin, dat lukte altijd wel, maar een verhaal ook afkrijgen… Ik merkte dat ik een stok achter de deur nodig had. Die stok vond ik door me aan te melden bij de Schrijversvakschool in Amsterdam. Ik studeerde af met een verzameling verhalen. Die kwamen in literaire bladen zoals Hollands Maandblad en De Gids. Daarna was het vrij gemakkelijk om een contract te krijgen bij een uitgeverij.

Welke schrijvers bewonder je en waarom?
John Cheever, om zijn suggestieve verhalen, vol treurnis, ironie en humor. A.M. Homes, om haar absurde en toch geloofwaardige personages. Bas Heijne bewonder ik om zijn heldere taal en zijn scherpe analyses. En zo zijn er nog veel auteurs die ik bewonder. David Leavitt, bijvoorbeeld, of Gerard Reve, Vladimir Nabokov. Maar ook de schrijvers van de Donald Duck-verhalen!

Waar haal jij je inspiratie vandaan?
Vaak uit eigen ervaringen, herinneringen. Ooit was ik vrijwilliger bij een telefonische hulpdienst. Veel van die gesprekken verwerkte ik in verhalen. Natuurlijk wel vol fictieve elementen. De Kippenjongen, dat zich afspeelt op een kippenfarm tussen Vaassen en Apeldoorn, is voor een belangrijk deel gebaseerd op het leven van mijn ouders daar. Mijn vader was kippenboer, mijn moeder was voorbestemd om te gaan studeren. Ze waren heel erg verschillend. In die roman beschrijf ik hoe het voor hen moet zijn geweest om op die afgelegen boerderij in een groot isolement te leven. Ze hadden alleen elkaar. Na mijn geboorte ging het bergafwaarts met mijn vader. Hij was niet langer de nummer 1 voor mijn moeder, en overleed toen ik 7 was. Toen werd het dus moeder en zoon, samen, zonder een vader. Een thema dat in bijna al mijn boeken voorkomt.

Veel van mijn personages zijn afsplitsingen van mezelf en van mijn vrienden en kennissen. Zo is de onhandige, wat kinderlijke Neil uit De nieuwe Kratz deels gebaseerd op mijn eigen karakter. Maar de moeder uit dat boek ontstond in de trein. Ik zat tegenover een vrouw die de hele reis naar buiten zat te kijken. Geen woord heb ik met haar gewisseld. En toch kreeg ze een hoofdrol in dat boek.

Waar schrijf je en hoe ziet een dag schrijven er voor jou uit? Heb je een schrijfritueel?
Ik schrijf zowel in mijn woonplaats Amsterdam als in mijn boshuisje in Emst. Het duurt altijd tijden voordat ik begin. Eerst koffie, nog eens koffie, naar Albert Heijn, mail controleren… allerlei dingen om het schrijven uit te stellen. Ik blijf het moeilijk vinden om te beginnen. Als ik eenmaal bezig ben, vliegt de tijd om. Veel langer dan een paar uur houd ik het niet vol. Dan is de concentratie op. Soms levert dat een pagina op, soms 5 woorden. Maar als dat 5 goede woorden zijn ben ik tevreden. Schrijven doe ik ook op de fiets. Ik maak lange ritten, bijvoorbeeld van Amsterdam naar de Veluwe. Tijdens die tochten ontstaan er in mijn hoofd volop ideeën en soms ook dialogen.

Wat is jouw schrijftip voor beginnende schrijvers?
Geef alle zintuigen een kans. Zorg dat je karakters gelaagd zijn. Ze hebben net als echte mensen prettige en onplezierige kanten. Bedenk wat ze willen, wat hun doel is, en zorg dat dat doel niet te gemakkelijk – of helemaal niet – bereikt wordt. Verder is schrijven vooral schrappen: vermijd al te veel uitleg, suggereer liever.

Welke boeken heb je geschreven?
Ik heb er inmiddels 9 op mijn naam staan: verhalenbundels, een novelle en romans. Mijn meest recente is De nieuwe Kratz, over een jongen die bij pleegouders in huis komt en de plaats moet innemen van hun overleden zoon.

Wanneer komt je volgende boek uit?
Waarschijnlijk eind 2018. De werktitel is Vier dagen, drie nachten. Het wordt een psychologische roman over een jonge, ernstig zieke vrouw en haar homoseksuele vader. In het boek trekken ze vier dagen en drie nachten met elkaar op, en leren elkaar eindelijk begrijpen en waarderen.

 

 

Nooit Meer Slapen

nooit meer slapen

Van 30 oktober t/m 3 november ben ik weer gastschrijver bij VPRO’s Nooit Meer Slapen (radio 1, van 12 tot 2 uur). Vijf nachten een kort verhaal, geïnspireerd op het nieuws van die dag.

Schrijfatelier

Schrijfatelier in Haarlem

Schrijfatelier

Schrijfatelier

Voor de Stichting Hart Haarlem verzorg ik vanaf dinsdag 17 januari weer een cursus creatief schrijven, getiteld Schrijfatelier. Deze lessen zijn zowel geschikt voor beginners als gevorderden. Tijdens de les krijgt u korte, stimulerende schrijfopdrachten, waarbij er een keur aan genres en vormen aan bod komt. Een willekeurige greep: het korte verhaal, de roman, de column, een spannende scène, een zintuiglijke scène, een non-fictie tekst…

Na elke les krijgt u een individuele schrijfopdracht mee. De uitwerking daarvan – één A4’tje – mailt u naar mij en naar de andere deelnemers. Iedereen leest thuis alle teksten en komt in de daaropvolgende les met een kort commentaar. Zo krijgt u dus niet alleen feedback van mij, maar ook van de medecursisten.

Werkt u liever aan een project van langere adem? Ook dan is deelname aan deze cursus mogelijk. De korte schrijfopdrachten en de individuele opdracht voor thuis zullen dan in het teken staan van dat project.

Voor meer informatie en aanmelding: www.hart-haarlem.nl

 

Nog een Kratz-recensie

 

Boekhandel De Omslag, Delft

kratz

Gerard van Emmerik – De nieuwe Kratz € 18,99

Nadat hun enige zoon Michael is verongelukt (of ligt dat toch even anders?) besluiten Hildegard en Karl Kratz een kind van dezelfde leeftijd te adopteren: Julien. Deze zestienjarige jongen verblijft sinds twee jaar in het Pelzer-Hoffmann instituut, een tehuis voor wezen en kinderen wiens ouders niet meer voor hen kunnen zorgen. De jongen deelt een kamer met de veel oudere Neil, een verwarde geest die continu quizvragen stelt aan Julien. Ze zijn volledig op elkaar gericht.
Het liefst was Julien teruggekeerd naar zijn moeder, die echter in een verpleeginrichting verblijft. Hij verlangt naar geborgenheid, naar ‘gewoon’: gewoon samen aan tafel, gewoon samen tv kijken, gewoon samen zijn, zoals in een gewoon gezin. Daarom is hij dan ook verheugd als de familie Kratz hem komt halen. Vanaf dat moment is alles erop gericht maar te mogen blijven, samen gezinnetje te spelen. Alles wat (vooral Hildegard) Kratz hem voorstelt, vindt hij oké, wat zij mooi vindt, vindt Julien mooi, wat zij afwijst, wijst hij af. Kortom, hij cijfert zichzelf helemaal weg. Aan de andere kant doet ook Hildegard haar best het de jongen zoveel mogelijk naar de zin te maken, ten koste van zichzelf. Het verlangen van Julien naar Neil kan zij echter niet bevredigen, zelfs niet nadat deze ongevraagd een weekje is blijven logeren. Als Hildegard Neil weer terugbrengt naar het instituut, verneemt ze wat er daadwerkelijk is gebeurd met Michael. Ineens staat haar relatie met Karl op het spel.
De nieuwe Kratz is van een verontrustende schoonheid. Onheilspellend vanaf de eerste pagina’s. Enerzijds wil je het boek wegleggen, omdat je de waarheid niet onder ogen wilt zien, anderzijds kun je niet stoppen met lezen. Wát een boek! 

Wilt u deze titel bestellen? Mail: info@deomslagdelft.nl

© Eus Wijnhoven

Hollands Maandblad

 

Afbeeldingsresultaat voor hollands maandblad 2016-11

In het nieuwe nummer van Hollands Maandblad staat een kort verhaal van me, getiteld Zes min. Het is een fragment uit mijn nieuwe roman, die in 2018 zal verschijnen. De werktitel: Drie dagen, vier nachten.